
Een internationale erkenning voor een Vlaamse centrumstad
ROESELARE – Wat enkele jaren geleden nog als een bijzonder ambitieuze doelstelling klonk, is vandaag officieel bevestigd. Het nieuwe stadhuis van Roeselare heeft het hoogste internationale duurzaamheidslabel behaald en mag zich daarmee tot de absolute wereldtop rekenen. Twee jaar nadat de stadsdiensten hun intrek namen in het gebouw, werd het project bekroond met het uitzonderlijke BREEAM-label ‘Outstanding’, een onderscheiding die wereldwijd slechts door een uiterst beperkt aantal gebouwen wordt bereikt.
De erkenning plaatst Roeselare op de internationale kaart als voortrekker op het vlak van duurzaam bouwen. Dat een middelgrote Vlaamse centrumstad daarin slaagt, maakt de prestatie des te opmerkelijker.
Een onderscheiding die slechts voor enkelen is weggelegd
Het BREEAM-systeem geldt wereldwijd als een van de strengste beoordelingsmethodes voor duurzame gebouwen. Om het niveau ‘Outstanding’ te behalen, volstaat het niet om enkele energiebesparende maatregelen toe te passen. Het volledige traject wordt doorgelicht: van ontwerp en materiaalgebruik tot mobiliteit, energieverbruik, biodiversiteit, beheer en toekomstbestendigheid.
Slechts één procent van alle projecten die wereldwijd een BREEAM-certificaat aanvragen, bereikt dit uitzonderlijke niveau. Volgens duurzaamheidsadviseur Rein Verrelst van Arcadis onderscheidt Roeselare zich bovendien doordat het gebouw vanaf het eerste ontwerp als stadhuis werd ontwikkeld.
Internationaal bestaan er nauwelijks vergelijkbare voorbeelden. Zo behaalde de City Hall in Londen eveneens een Outstanding-score, maar dat gebouw werd oorspronkelijk ontworpen als duurzaamheids- en innovatiecentrum en kreeg pas later een bestuurlijke functie. In Roeselare werd vanaf dag één gekozen voor een duurzaam stadhuis.
De combinatie met de bijna volledig circulaire afbraak van het oude stadskantoor versterkt die unieke positie nog verder.
Waterbesparing op indrukwekkende schaal
Bijna twee jaar na de ingebruikname tonen de cijfers aan dat duurzaamheid niet beperkt blijft tot theoretische doelstellingen.
Dankzij een doorgedreven systeem van regenwaterrecuperatie bespaart het gebouw jaarlijks ongeveer 1,4 miljoen liter drinkwater. Dat betekent een vermindering van zeventig procent ten opzichte van het vroegere stadskantoor.
Die besparing komt overeen met het gemiddelde jaarlijkse drinkwaterverbruik van ongeveer twintig Vlaamse gezinnen.
Het systeem bewijst dat een zorgvuldig ontworpen gebouw niet alleen ecologische voordelen oplevert, maar ook een belangrijke bijdrage levert aan een verantwoord gebruik van natuurlijke hulpbronnen.
Verwarming zonder aardgas
Ook op energetisch vlak behoort het gebouw tot de meest vooruitstrevende publieke constructies van Europa.
Voor verwarming is dertig procent minder energie nodig dan vroeger. Opvallend daarbij is dat het stadhuis volledig zonder aardgas functioneert. De energievoorziening steunt op zonne-energie en vooral op het Roeselaarse warmtenet.
Dat warmtenet bestaat uit een ondergronds leidingennet van zeventien kilometer dat restwarmte afkomstig van de lokale afvalverbrandingsinstallatie naar verschillende gebouwen transporteert, waaronder het stadhuis.
Hierdoor wordt niet alleen energie hergebruikt die anders verloren zou gaan, maar blijft de stad ook beter beschermd tegen schommelingen op de internationale energiemarkt.
De eigen zonnepanelen leveren eveneens opmerkelijke resultaten op. Maar liefst 95 procent van de opgewekte elektriciteit wordt onmiddellijk in het gebouw zelf gebruikt. Bij veel andere gebouwen bedraagt dat aandeel slechts tussen de dertig en vijfendertig procent.
Op momenten van maximale productie wordt de energie rechtstreeks ingezet voor ventilatie en koeling, waardoor nauwelijks overschotten ontstaan.
Fietsgebruik stijgt spectaculair
De duurzame visie beperkt zich niet tot het gebouw alleen.
Meer dan zestig procent van de ongeveer 350 medewerkers komt meerdere keren per week met de fiets naar het werk. Dat aandeel ligt aanzienlijk hoger dan in het vorige stadskantoor.
Een ruime ondergrondse fietsenparking, voorzieningen voor bakfietsen, douches en kleedruimtes maken van de fiets een aantrekkelijk alternatief voor de wagen.
De infrastructuur ondersteunt daarmee een mobiliteitsbeleid dat inzet op dagelijkse verplaatsingen met een zo beperkt mogelijke milieubelasting.
Historisch erfgoed krijgt een nieuwe toekomst
Een van de meest opmerkelijke aspecten van het project is de manier waarop verschillende tijdperken samenkomen binnen één geheel.
Het stadhuis verenigt drie eeuwen geschiedenis. Het achttiende-eeuwse rococo-stadhuis, het beschermde belfort dat deel uitmaakt van het UNESCO-werelderfgoed en een hedendaagse kantoorvleugel vormen vandaag één geïntegreerd geheel.
De historische gebouwen werden zorgvuldig gerenoveerd en voorbereid op langdurig gebruik, terwijl de nieuwbouw alle hedendaagse eisen op vlak van duurzaamheid en werkcomfort vervult.
Volgens Carine Drumont, CEO van Algemene Bouw Maes, vormde net die combinatie van erfgoedzorg en hedendaagse prestaties de grootste uitdaging van het project. Het behalen van het hoogste BREEAM-niveau toont volgens haar aan wat mogelijk wordt wanneer duurzaamheid vanaf het begin een gedeelde ambitie vormt.
Circulair bouwen tot in de kleinste details
Ook tijdens de afbraak van de verouderde gebouwen uit de jaren zeventig en tachtig werd maximaal ingezet op hergebruik.
Meer dan 99 procent van het sloopmateriaal kreeg een nieuwe bestemming. Een aanzienlijk deel van het puin werd verwerkt in de grondwerken van het Oosterweelproject in Antwerpen.
Bijna tweeduizend ton materiaal werd bovendien via het kanaal Roeselare-Leie vervoerd, waardoor talrijke vrachtwagenritten konden worden vermeden.
Ook binnen Roeselare zelf kregen materialen een tweede leven. Verlichtingsarmaturen uit het oude gebouw werden hergebruikt in de Stedelijke Basisschool De Octopus, terwijl delen van oude plafondconstructies werden verwerkt in het sanitair gedeelte van het nieuwe stadhuis.
Slimme technologie en aandacht voor biodiversiteit
Duurzaamheid uit zich eveneens in minder zichtbare toepassingen.
Slimme wifi-routers en antennes schakelen buiten de werkuren automatisch terug, wat jaarlijks ongeveer 4.000 kilowattuur elektriciteit bespaart.
Daarnaast werd bijzondere aandacht besteed aan natuurontwikkeling in het stadscentrum. Aan de dakranden werden nestplaatsen voorzien voor huiszwaluwen. De verschillende bouwdelen omsluiten bovendien een publiek toegankelijke binnentuin met gevarieerde beplanting.
Deze groene ruimte helpt de temperatuur in de binnenstad te milderen en vormt tegelijk een aangename ontmoetingsplek. Sinds twee jaar kunnen koppels er bovendien hun huwelijksceremonie laten plaatsvinden.
Werken in een gebouw dat klaar is voor de volgende eeuw
Bij het ontwerp werd niet alleen gekeken naar de huidige behoeften, maar ook naar toekomstige ontwikkelingen.
Het gebouw werd afgestemd op klimaatscenario’s die tot honderd jaar vooruit kijken. Daarnaast is het volledig modulair opgebouwd, waardoor functies en ruimtes eenvoudig aangepast kunnen worden wanneer de behoeften van de stadsadministratie veranderen.
Uitgebreide akoestische studies zorgden ervoor dat storende geluiden maximaal worden beperkt. Hierdoor ontstonden rustige werkplekken waar concentratie centraal staat.
De stad merkt de voorbije twee jaar bovendien een dalende tendens in het ziekteverzuim, al spelen daarbij uiteraard meerdere factoren een rol.
Internationale belangstelling groeit
De internationale belangstelling voor het Roeselaarse stadhuis neemt intussen voortdurend toe.
De voorbije twee jaar ontving de stad talrijke binnen- en buitenlandse delegaties. Onder meer partners uit Nederland, Denemarken en Zweden bezochten het gebouw in het kader van Europese samenwerkingsprojecten rond circulair bouwen.
Ook steden en gemeenten zoals Rotterdam, Turnhout, Nieuwpoort, Kortrijk, Middelkerke en Veurne kwamen het project bestuderen als inspiratiebron voor hun eigen bouw- en renovatieplannen.
Volgens schepen Nathalie Muylle bewijst het stadhuis dat publieke gebouwen tegelijk erfgoed kunnen bewaren, klimaatdoelstellingen kunnen realiseren en financieel verantwoord kunnen zijn. Zij benadrukt dat burgers, bezoekers en medewerkers het gebouw dagelijks positief ervaren en dat het vooral een open en toegankelijke plek is geworden voor iedereen die met de stadsdiensten in contact komt.
Een referentie voor de toekomst
Met het behalen van het BREEAM Outstanding-label voegt Roeselare een nieuwe onderscheiding toe aan een indrukwekkend palmares. Eerder werd het project al bekroond met een Belgian Construction Award voor circulair bouwen en een Publica Award voor klimaatverantwoordelijkheid.
Wat begon als een ambitieus stadsproject groeide uit tot een internationaal voorbeeld van hoe erfgoed, duurzaamheid, innovatie en dienstverlening elkaar kunnen versterken. Midden in West-Vlaanderen staat vandaag een gebouw dat niet alleen het verleden respecteert, maar ook een duidelijke richting aangeeft voor de publieke architectuur van morgen.
( Tekst S. J. van www.westnieuws.be )