
In een tijd waarin de kost van solidariteit steeds meer onder het vergrootglas ligt, woedt in Diksmuide een stille strijd over de koers van het lokale sociaal beleid. Vlaams Belang-raadslid Geert Mabesoone bracht tijdens de jongste zitting van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn zijn zorgen en scherpe voorstellen onder woorden. Zijn tussenkomst was niet zonder controverse, maar schepen Katleen Winne gaf een even genuanceerde als confronterende repliek. Wat op het eerste gezicht een technisch beleidsdebat leek, werd al snel een spiegel van fundamentele maatschappelijke visies.
Snelle stijging van hulpvragen zet systeem onder druk
De toename van hulpvragen in Diksmuide verloopt volgens Mabesoone in een “pijlsnelle” lijn. Steeds meer mensen kunnen niet langer zelfstandig in hun basisbehoeften voorzien. De redenen lopen sterk uiteen: verslaving, ziekte, taalachterstand of een culturele achtergrond die veraf staat van de Vlaamse normen. Eenmaal erkend als hulpbehoevend, kunnen deze mensen rekenen op een pakket aan tegemoetkomingen: leefloon, installatiepremies, voorschotten voor huurwaarborgen, energietoelagen en sociale huisvesting.
Mabesoone uit zijn bezorgdheid over de draagkracht van het systeem. “We naderen het moment waarop de middelen op zijn. Belfius wordt straks leeggehaald zoals het Zilverfonds onder Verhofstadt. Dan komt men bij de Sociale Zekerheid aankloppen,” waarschuwt hij. Hij pleit dan ook voor een fundamentele herziening van het beleid, waarbij het accent verschuift naar ontrading, controle en strikte opvolging. In zijn woorden: “Zachte heelmeesters maken stinkende wonden.”
De discretionaire ruimte van maatschappelijk werkers
Centraal in Mabesoones analyse staat de zogenaamde discretionaire ruimte van maatschappelijk werkers. Die ruimte, waarbij beslissingen deels op persoonlijke inschatting gebeuren, wordt in twee vormen onderverdeeld: de jure (in wetten bepaald) en de facto (praktisch ingevuld). Volgens Mabesoone maakt Diksmuide onvoldoende gebruik van de wettelijke instrumenten die misbruik kunnen tegengaan.
Zo stelt hij zich vragen over het gebrek aan terugvorderingen, het gebrekkig gebruik van GPMI’s (Geïndividualiseerde Projecten voor Maatschappelijke Integratie) en het al dan niet opvolgen van eigendom in het buitenland. “Waarom zouden mensen naar Kortrijk trekken, waar N-VA een streng beleid voert, als ze in Diksmuide veel makkelijker geholpen worden?” klinkt het retorisch.
Hij besluit met een oproep tot een beleidswijziging: “Laat deze raad zich uitspreken over een koerswijziging, binnen de wet, maar met meer nadruk op verantwoordelijkheid, controle en sancties.”
“Achter elk dossier zit een mens”
Schepen Katleen Winne reageerde met een betoog dat stevig contrasteerde met de toon van Mabesoone. Ze erkent het belang van controle en het vermijden van misbruik, maar wijst op de realiteit achter elk dossier. “Het OCMW is geen luxe. Het is het laatste vangnet voor mensen die nergens anders meer terechtkunnen,” benadrukt ze.
Ze wijst op het menselijke aspect: psychische kwetsbaarheid, gezondheidsproblemen, trauma, schulden en sociale isolatie zijn vaak de werkelijke oorzaken van de hulpvraag. Volgens haar hebben mensen geen baat bij extra druk of straffen wanneer ze al wankelen. “Wie worstelt met depressie, met angststoornissen of verslaving, help je niet aan werk met sancties. Je helpt hen met vertrouwen en begeleiding.”
Winne roept op tot maatwerk, samenwerking met lokale ondernemers, en een beleid dat werkt op lange termijn. “De kwaliteit van een samenleving blijkt niet uit hoe streng we zijn, maar uit hoe verantwoordelijk we omgaan met wie het moeilijk heeft.”
Botsing van visies zonder verzoening
Wat opviel aan deze zitting: de confrontatie tussen twee visies – een beleid van terugtrekking en strengheid tegenover een benadering die inzet op begeleiding en menselijkheid – bleef onbeslecht. Ondanks de wederzijdse erkenning van het belang van activering en controle, was er geen tastbaar compromis. Mabesoone vroeg expliciet een uitspraak van de raad, maar een rechtstreeks antwoord kwam er niet.
Het debat toont hoe sociaal beleid een kernpunt blijft in het lokale bestuur. Diksmuide staat, zoals vele steden, voor een moeilijke keuze: blijft men inzetten op mensgerichte zorg en vertrouwen, of schuift men op naar een restrictiever beleid? De gevolgen zullen voelbaar zijn tot ver buiten de raadzaal.
( Tekst Serge Jansen van www.westnieuws.be )