Vlaams minister Hilde Crevits : deeltijds kunstonderwijs in West-Vlaanderen ‘boomt’

Ruim 38.000 leerlingen gaan naar een academie in West-Vlaanderen. Dat zijn er bijna 5.000 meer dan 5 jaar geleden. Dit schooljaar alleen al is er een stijging van 3.705 leerlingen ten opzichte van vorig schooljaar. Door het nieuwe decreet deeltijds kunstonderwijs kunnen nu ook 6-jarigen met muziek en woordkunst-drama starten. Eerder kon dit al voor dans en beeldende en audiovisuele kusnten. Daarnaast kunnen ze een jaar initiatie volgen waarbij ze alle domeinen leren kennen. Ter gelegenheid van de dag van de academies was Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits te gast in de academie in Izegem. Daar liet ze zelf ook haar creativiteit de vrije loop en rapte ze een tekst van ’t Hof van Commerce.

West-Vlaanderen telt 27 academies en in 53 van de 64 West-Vlaamse gemeenten is er een aanbod deeltijds kunstonderwijs. Met 38.021 leerlingen dit schooljaar is het deeltijds kunstonderwijs in West-Vlaanderen aan een heuse opmars bezig. De voorbije jaren was er altijd al een lichte stijging van het aantal leerlingen aan de academies. Maar door de hervorming van het deeltijds kunstonderwijs zien we een enorme stijging van het aantal leerlingen ten opzichte van vorig schooljaar. In 2014-2015 waren er nog 33.097 leerlingen, nu zijn dat er dus al 5.000 extra. Het laatste jaar kwamen er 3.705 leerlingen extra bij.

6- en 7-jarigen vinden vlot de weg naar de academie

Tot vorig schooljaar konden 6-jarigen enkel terecht in dans of beeldende en audiovisuele kunsten. Sinds dit schooljaar, door het nieuwe decreet deeltijds kunstonderwijs, kunnen zij ook muziek en woordkunst-drama volgen. Er is zelfs een domeinoverschrijdende initiatie mogelijk. Kinderen die niet goed weten wat ze precies willen doen, kunnen op die manier al eens proeven van alle domeinen. In totaal volgen 6.104 leerlingen van 6 en 7 jaar les aan onze West-Vlaamse academies. 940 kinderen of 15% volgen de domeinoverschrijdende initiatie. De kleine helft (47%) volgt beeldende kunsten.

 

De grootste academie is de Kunstacademie van Waregem met 3.624 leerlingen, gevolgd door de Stedelijke Academie voor Podiumkunsten van Roeselare met 3.602 leerlingen en Art’iz in Izegem met 2.302 leerlingen. De kleinste academie is die in Blankenberge met 449 leerlingen. Die kleine academies zijn van levensbelang. Leerlingen zien de afstand van thuis naar de academie als doorslaggevende factor om zich in te schrijven. Hoe dichter de academie bij de leerlingen, hoe meer leerlingen met kunst en cultuur in aanraking komen. Dankzij het nieuwe decreet krijgen academies ook meer budget per leerling als ze in dunbevolkte gebieden liggen, op die manier kunnen ze blijven bestaan. Lo-Reninge, Alveringem, Heuvelland, Vleteren, Diksmuide, Veurne, Langemark-Poelkapelle, Poperinge, Ruiselede, Houthulst, Zonnebeke en Pittem krijgen op die manier extra budget.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “De vernieuwingen die we dit schooljaar hebben ingevoerd zijn een succes. Een stijging van 10% extra leerlingen op één jaar tijd is enorm en ook de allerjongsten hebben de smaak te pakken. Kunstonderwijs is een extra troef voor de persoonlijke en sociale ontwikkeling en het verbreedt de blik. In Vlaanderen is er een sterke traditie van deeltijds kunstonderwijs. Veel van de grote Vlaamse artiesten werden op de academies geprikkeld om hun talenten te ontwikkelen. Elke leerling krijgt er de kans om muziek te maken, de kracht van het woord te ontdekken zoals Flip Kowlier, de nieuwe “Denker” van Rodin of de choreografie van Beyoncé te maken.”